Op dit moment kijk ik uit over de Hardangerfjord. Het is 23.30 en nog volop licht. Noorwegen. En de langste dag komt in zicht. We zijn twee dagen geleden gearriveerd in Alvik, een klein dorp in de gemeente Kvam. ‘Ons’ gebouw heet Messen, het is groot, rood en leeg. Op ons na. Wij gaan nieuw leven blazen in dit prachtige pand. We bewonen een appartement op de derde verdieping (het tellen begint hier bij de begane grond) dat keurig & netjes voor ons in orde is gemaakt, met meubels die door vorige bewoners her en der in het gebouw zijn achtergelaten. Als we op de bank zitten lijkt het of we bij iemands oma op bezoek zijn. Een Noors avontuur is begonnen, we hebben het naar ons zin.
Op de derde verdieping zijn een aantal kamers zo goed als klaar voor bewoning. Ze zijn simpel, enigszins vervallen, maar (bijna) schoon en, laten we zeggen, karakteristiek. De kunstenaars die hier gaan verblijven krijgen, naast een slaapkamer op deze woonverdieping een werkruimte op de begane grond. Keuze genoeg. En ook aan uitzicht geen gebrek. Messen beschikt over alles wat nodig is om geconcentreerd te kunnen werken in een overweldigende omgeving.
Het regent. “En dat doet het wel vaker”, wordt ons blijmoedig verteld. “Maar”, zegt men er direct bij, “niet zo vaak als in Bergen”. Dat horen we graag en we plaatsen deze informatie in de categorie goed nieuws. Voorlopig vinden we het uitzicht bij alle weertypes even prachtig.
De autoreis naar Kvam is substantieel en buitengewoon de moeite waard. In Hanstholm, Denemarken, namen we na een overnachting in een bizar en vervallen door Polen gerund hotel dat, vermoeden wij, gebruikt wordt door grote groepen jongeren die ook wel eens op vakantie willen (wel eens gehoord van ‘wodka -schaak’? Ik vermoed dat de glaasjes met daarop geschilderd de afbeeldingen van de stukken ad fundum genuttigd mogen worden door de speler die de stukken slaat) de boot naar Kristiansund.

Toch een beetje zenuwachtig voor de weggestopte pakken wijn. De braafste smokkelaars uit de EU. Bestond er zoiets als ‘wijn-honden’, we zouden er gloeiend bij zijn. We ontsprongen de dans. Met een ongeinteresseerd handgebaar werden we noorwegen in geveegd.
De rit die volgde (400 km, waar we ruim 8 uur over deden) was van ongekende schoonheid. Ik heb heel wat door Europa heen en weer gereden, oh! & ah! roepend, maar deze road-trip is zonder twijfel de mooiste die ik ooit maakte. Elke poging tot beschrijven is gedoemd te falen. Zelfs Odda, door lonely planet omschreven als de lelijkste plaats in Noorwegen slaagde met een goede voldoende.
Deze eerste dagen hebben we voornamelijk doorgebracht met door het gebouw lopen om de indeling in ons hoofd te krijgen, meubels versjouwen en een beetje uitslapen. We verheugen ons erg op de weken waarin de kunstenaars & musici naar Messen komen.