Minimal Damage Albert van Veenendaal
solo prepared piano
www.minimal-damage.blogspot.nl

Minimal DamageFoto: Cindy Heijnen

Door voorwerpen, zoals rubbertjes, wasknijpers, schroeven, papier of tape tussen de snaren te steken of op de snaren te leggen wordt de klankkleur van de piano wezenlijk anders. Het instrument wordt hierdoor als het ware een eenpersoons-slagwerkensemble met een grote variatie aan klanken en leent zich uitstekend voor (bijvoorbeeld) percussieve muziek. Maar ook dromerige en lyrische composities en improvisaties komen goed uit de verf. Pionier van de geprepareerde piano was de Amerikaanse componist John Cage die een groot aantal stukken voor het instrument heeft geschreven. In de afgelopen jaren heb ik me diverse speelwijzen eigen gemaakt en technieken ontwikkeld, die ik toepas in composities en improvisaties. Ik deed dat al in verschillende groepen, zoals mijn trio met Yonga Sun en Meinrad Kneer en het Wisselend Toon Kwintet en nu dus ook als solist. Journalist Remco Takken schreef: Van Veenendaal doet je geloven dat een geprepareerde piano á la John Cage in eerste instantie is ontworpen voor jazz.


YouTube: Albert van Veenendaal speelt The Spy & The Vampire
(VPRO Vrije Geluiden, 20 maart 2011)


YouTube: Albert van Veenendaal speelt Frog Song
(VPRO Vrije Geluiden, 20 maart 2011)


YouTube: interview met Albert van Veenendaal
(VPRO Vrije Geluiden, 20 maart 2011)


YouTube: zo prepareer je een piano

Audio: Albert van Veenendaal solo tijdens VPRO Jazzlive weekend, Bimhuis, 10 maart 2011


De pers over zijn CD Minimal Damage:

“Dit is een fascinerende monoloog. Via de geprepareerde piano worden verbluffende klanken en klankcombinaties gegenereerd en gecombineerd. Lyrische thema’s, Afrikaans of zelfs Balinees aandoende, bezwerende ritmes, repetitieve mechanistisch klinkende flarden worden briljant en evenwichtig uitgesponnen. Van Veenendaal maakt zijn ziel zichtbaar in deze muziek, die verrast, boeit, schittert als een diamant. (Marc van de Walle, Jazzmozaik, december 2010)

[...] His preference for scalar patterns and single-note lines emphasizes relationships to eastern and African traditions, sometimes setting up polyrhythmic dialogues between his two hands. Veenendaal doesn’t need much time to develop remarkable complexity: “Pirouetteke” is under two minutes and sounds like brilliant hand-drumming on chromatic drums or electronic sound sources. Given his general dedication to the keyboard, Veenendaal‘s occasional forays to the strings are especially noteworthy, as in the piece called “Whales” which mixes string stroking and keyboard thumps in an evocation of animal voices. The only piece credited to another composer is Mingus’s “Goodbye Pork Pie Hat,” which here sounds oddly like John Cage’s early sonatas for prepared piano. It has the tone of reserved lament with which it’s associated, but there’s also a quality that’s both playful and exotic, the engaging sense of a pan-cultural playground that links it to the other music here.
(Stuart Broomer, Point of Departure, Canada, december 2010)

terug naar boven